Niels op reis naar IJsland: ''Puur natuur!''

Collega Niels ontdekte IJsland. Lees hier zijn reisverhaal!

Niels in IJsland

IJsland: ruig, verrassend en een beetje magisch

Collega Niels bezocht IJsland en maakte een afwisselende reis langs verschillende natuurgebieden in het zuiden van het land. Tijdens zijn route combineerde hij bekende hoogtepunten met actieve excursies. Zo verkende hij de Golden Circle, bezocht hij de zwarte stranden aan de zuidkust en maakte hij kennis met gletsjers en ijsgrotten. Onderweg kwam hij langs meerdere indrukwekkende watervallen en in de avonduren had hij zelfs de kans om het noorderlicht te zien. Ontdek hier zijn rondreis door IJsland.

Geysir in IJsland.

De klassieke Golden Circle

Met een mistige aankomst begon mijn reis bij de Golden Circle, een van de bekendste hoogtepunten van IJsland. Eerste stop: Thingvellir Nationaal Park, waar je tussen de Euraziatische en Noord-Amerikaanse aardplaten kunt lopen. Een bizar idee natuurlijk: dat je je in een paar stappen op een ander continent bevindt. Hier krijg je een kleinschalig voorproefje van de ruige natuur: kleine watervallen en metershoge muren van rotsen.

Tijd voor de volgende tussenstop: de geisers! Dit gebied draait om twee fenomenen: Strokkur en Geysir, de grootste geiser van IJsland. Strokkur laat het spektakel zien: om de 8 tot 10 minuten knalt het kokende water zo’n 20 meter de lucht in. Om Geysir stonden optimisten ook te wachten op een uitbarsting, maar deze is sinds 2000 grotendeels inactief.

Gullfoss was de laatste stop van de Golden Circle. Het IJslandse woord ‘foss’ zal je vaak tegenkomen in IJsland; het betekent namelijk ‘waterval’. En dit is er eentje, een ondenkbare hoeveelheid liters water stort met geweld het ravijn in. Voor mij een van de krachtigste plekken van deze route. Het water stort hier in twee delen een diepe kloof in. Ik kon er uren naar kijken, maar er zullen nog meer watervallen voorbijkomen.

Zwarte stranden van Vik in IJsland

De zwarte stranden van Vik

We vervolgden onze weg, waar we weer veel hoogtepunten zijn tegengekomen. Van de beruchte Katla-vulkaan en de lavavelden tot aan de watervallen Skógafoss en Seljalandsfoss, ze werden één voor één afgestreept. Eindbestemming van de rit was Vík í Mýrdal, bekend om haar zwarte stranden. Dit was mijn absolute hoogtepunt. Hier zie je namelijk hoe ruig de natuur van IJsland kan zijn. Je hoort het intimiderende geluid van de woeste golven, die neersloegen op de steile basaltrotsen, en dat allemaal op een zwart strand. Hoe zweverig het ook klinkt, hier voel je je écht één met de natuur.

In de zee staan drie karakteristieke rotspilaren, genaamd Reynisdrangar. Volgens een IJslandse legende zijn dit trollen die door de zon in steen zijn veranderd. Je mag zelf een invulling geven op de geloofwaardigheid, maar dit maakt de ruige sfeer wel af.

Berg vanuit ijsgrot in IJsland.

Waarom IJsland ‘IJsland’ heet?

We gingen weer door! Ditmaal richting Jökulsárlón, het ijsschotsenmeer. Van de smeltende gletsjer drijven de ijsschotsen richting de Atlantische Oceaan. Dat levert mooie plaatjes op! Tussen de ijsgiganten zie je af en toe de zeehondjes boven water even naar adem happen. Wanneer de ijsschotsen de zee hebben bereikt, stranden ze op Diamond Beach. De naam zegt het al, hier zie je de afgebroken ijsblokken, die zo helder zijn als diamant.

De volgende ervaring vond achter het meer plaats: we gingen een ijsgrot in! Na een avontuurlijke buggytocht en een kleine wandeling stonden we bij de ingang van de ijsgrot. Helm op, zaklamp aan en gaan! In de eerste kamers viel het zonlicht nog binnen, waardoor het ijs azuurblauw kleurde. Een fantastisch beeld. Uiteindelijk gingen we dieper de grot in en werd je afhankelijk van het kleine lampje op je helm. Spannend, maar een erg toffe ervaring.

Skogafoss in IJsland

Watervallen op elke hoek

Zoals ik al eerder zei, onderweg kwamen we nog meer watervallen tegen. Nou, heb je even? Geen zorgen, deze zijn wel écht noemenswaardig! Als eerst: Skógafoss. Een brede waterval die vanaf 60 meter naar beneden stort. Via een wankel trappetje kun je de top bereiken, waar je een mooi uitzicht hebt over het waterspektakel. Je hebt ook de optie om verder langs de Skóga rivier te lopen, waar je nóg meer watervallen zult tegenkomen.

Daarna was Svartifoss aan de beurt. Na een uurtje wandelen stonden we onderaan de 20 meter hoge waterval. Relatief klein, maar hierbij draait het om de omgeving. De waterval wordt omringd door allerlei basaltkolommen, wat het zeker een must-see maakt.

De laatste waterval waar wij stopten was Seljalandsfoss, onderweg terug naar Reykjavik. De 65 meter hoge waterval is op zichzelf al mooi, maar het bijzondere is dat je erachter langs kunt lopen. Helaas was het in mijn reisperiode te glad om dat te doen, maar in de zomer is dat zeker te doen! Op 10 minuten loopafstand ligt een andere waterval verborgen, namelijk Gljúfrafoss. Het betekent ‘kloofrivierwaterval’ en dat is ook wat je ziet: een waterval in een kloof. Zeker de moeite waard om te bezoeken!

Noorderlicht in IJsland.

Het dansende noorderlicht

Mocht je in de wintermaanden naar IJsland gaan, dan hoop je natuurlijk op één ding: het noorderlicht bewonderen. Ondanks dat de kans in de wintermaanden het grootst is, moet je nog steeds mazzel hebben. Om het noorderlicht te zien, moet er genoeg zonneactiviteit zijn en moet het helder en donker zijn. Valt er één voorwaarde af, dan is het noorderlicht niet te zien.

Elke avond zochten wij dan ook de kansen op om het groene natuurfenomeen te spotten. Tijdens mijn 7-daagse reis hebben wij twee avonden geluk gehad. Het was helder, donker en er was genoeg zonneactiviteit: het noorderlicht was te zien. Het groene licht danste in de donkere sterrenhemel boven het IJslandse landschap. Een bucketlist-ervaring die ik kan afstrepen. Kortom, een perfecte afsluiter van mijn rondreis door IJsland.

Onze reizen naar IJsland

Hulp nodig bij uw zoektocht naar een volgende reis?
Vind in 5 vragen uw ideale bestemming.